Auteurscontractenrecht in aantocht
Deze tekst is afkomstig van het Platform Makers, waar Tekstnet deel van uitmaakt (www.platformmakers.nl).
Op het gebied van het auteursrecht zijn belangrijke wijzigingen in voorbereiding. Op 8 juli 2011 heeft de ministerraad ingestemd met een wetsvoorstel Auteurscontractenrecht. In dit voorstel wordt de positie van auteurs ten opzichte van exploitanten versterkt. De belangen van individuele makers worden beter beschermd en daarmee wordt de verdiencapaciteit van het werk vergroot.
Bescherming maker
Auteursrecht beoogt bescherming te bieden aan degene die plannen, methodieken, vormen van producten en software heeft bedacht en deze heeft uitgewerkt c.q. vastgelegd. Het omvat veel meer dan de schrijver van een boek of de componist van muziek. Het gaat bijvoorbeeld ook om een nieuwe slogan, reclame-uitingen of de volgende versie van software die is bedacht door medewerkers van een bedrijf of door derden.
Werkgevers- en auteurscontractrecht
Aan wie komen de rechten toe? Werkgevers kunnen zich beroepen op het zogenaamde werkgeversauteursrecht. Dit betekent dat de rechten op werken, die een werknemer in dienstverband produceert, automatisch aan de werkgever toekomen. Dit gaat echter niet op in het geval van freelancers en/of andere opdrachtnemers. Hier is geen sprake van een dienstverband en zal contractueel moeten worden vastgelegd aan wie de auteursrechten, en in algemene zin de intellectuele eigendomsrechten, toekomen. In principe berusten die bij de maker en de rechten kunnen alleen door middel van een overeenkomst worden overgedragen aan een ander, bijvoorbeeld de opdrachtgever. Voor de voornoemde overeenkomsten bestaat nog geen wettelijke regeling. Wel wordt al lang aan de contractuele positie van auteurs gewerkt.
Belangrijkste aspecten wetsvoorstel
De belangrijkste aspecten van het wetsvoorstel Auteurscontractenrecht zijn:
- Het hierboven genoemde werkgeversauteursrecht blijft bestaan.
- De maker heeft altijd recht op een billijke vergoeding voor het verlenen van exploitatiebevoegdheid. De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kan op gezamenlijk verzoek van verenigingen van makers en exploitanten de hoogte van de billijke vergoeding vaststellen. Over die vergoedingen moeten verenigingen van makers en exploitanten collectief kunnen onderhandelen.
- De maker kan een hogere vergoeding claimen als zijn werk een onverwacht succes blijkt te zijn en de oorspronkelijk overeengekomen vergoeding in geen verhouding meer staat tot de opbrengst voor de exploitant.
- De maker kan het contract geheel of gedeeltelijk ontbinden als de exploitant het werk niet voldoende exploiteert.
- Onredelijke bepalingen in contracten kunnen worden vernietigd, zoals bepalingen die de maker verplichten om al zijn toekomstige werken aan de exploitant over te dragen.
- Er komt een efficiënte en laagdrempelige geschillencommissie, omdat makers er bij problemen met exploitanten voor terug lijken te schrikken naar de rechter te stappen.
- De maker kan geen afstand doen van de beschermingsregels van het auteurscontractenrecht. Er is sprake van dwingend recht, tenzij de wet de mogelijkheid biedt tot afwijking bij collectieve overeenkomst.
Exploitatieovereenkomst
De komende introductie van het auteurscontractenrecht bepaalt de wijze waarop een maker van een auteursrechtelijk beschermd werk exploitatiebevoegdheid kan verlenen aan derden. Idealiter vindt verlening plaats door middel van een exploitatieovereenkomst, waarin de belangen van maker en exploitant in evenwicht worden gebracht. De aanstaande nieuwe regelgeving gaat naar alle waarschijnlijkheid merkbare invloed uitoefenen op deze contractspraktijk.
Reactie Platform Makers
Het Platform Makers, waar Tekstnet onderdeel van uitmaakt, volgt de totstandkoming van het wetsvoorstel nauwgezet. Het Platform is zeer verheugd dat het wetgevingstraject ten behoeve van de zo noodzakelijke verbetering van de positie van auteurs en artiesten met spoed wordt voortgezet. Wel blijft het Platform bij het commentaar dat het namens de aangesloten leden in de consultatieperiode op het eerste ontwerpwetsvoorstel gaf.
Ook vraagt het Platform zich af of, waar staatssecretaris Teeven eerder liet weten het uitgangspunt van een niet-overdraagbaar auteursrecht los te laten, het kabinet in het wetsvoorstel daadwerkelijk de fundamentele keuzes maakt die noodzakelijk zijn.
Kijk voor meer informatie op Rijksoverheid.nl.
